Gespreksopeners bij therapie: hoe begin je een moeilijk gesprek met je partner?

In relatietherapie komt dit thema bijna altijd terug: niet wat er gezegd wordt, maar hoe het gesprek begint, bepaalt of partners dichter bij elkaar komen of verder uit elkaar drijven. Partners willen verbinding, maar starten vaak vanuit spanning.

Waar loopt het vaak mis?

Moeilijke gesprekken

1. Gesprekken over onderwerpen die men liever vermijdt om niet in conflict of wederzijds verwijt terecht te komen, zodat men elkaar niet meer begrijpt. Als koppels zeggen “wij maken ruzie over futiliteiten”, dan zitten daar toch vaak bepaalde kwetsuren onder die wel om een gesprek vragen.

2. Gesprekken met heel veel emotie waar heel veel lading op zit, waar we vaak proberen om die lading naar de andere te brengen. We gaan dan vaak projecteren of beschuldigen en duwen de andere dan in de verdediging. Hier kan dan ook geen volwassen gesprek ontstaan.

Beladenheid en emoties zorgen ervoor dat mensen echt in de mist geraken als ze daarin blijven hangen. Het gaat dan meestal over iets dat niet duidelijk is, dat niet uitgesproken is, wat nog niet geweten is. Het is nog onbewust, je kan het nog niet zeggen, maar je voelt het wel. Vaak is er therapie nodig om dit helder te krijgen.

Veelvoorkomende, maar niet-helpende gespreksopeners

De eerste woorden zetten de emotionele toon. Ons brein scant nl in een fractie van een seconde: ben ik veilig of moet ik me verdedigen?

Gespreksopeners die de ander meteen in een verdedigende positie plaatsen, nog vóór het echte onderwerp op tafel ligt, zijn bv:
• “We moeten praten.”
• “Jij doet ook altijd…”
• “Het heeft geen zin om dit te zeggen, maar…”
• “Jij luistert nooit.”
• “Ik moet iets zeggen, maar ik wil geen ruzie.”
• “Ik wil eerlijk zijn, maar ik ben bang dat jij je aangevallen voelt.”

Hoe pak je nu best zo’n moeilijk gesprek aan?

Stap 1: Planning

Moeilijke gesprekken dient men naar een veilige plaats te brengen. Dus niet zomaar te pas en te onpas in de woonkamer of in het bijzijn van anderen, of als een van de partners nog met iets bezig is. Je dient het gesprek rustig te plannen op een afzonderlijke plek. We hebben hiervoor een nieuwe manier van communiceren nodig.

Je zegt dan heel concreet tegen jouw partner dat je hem/haar over iets wil spreken en vraagt wanneer dat past voor jouw partner. Als het gaat over een onderwerp waarop jullie steeds in conflict geraken, kan je dat onderwerp ook benoemen, en zeggen dat je het deze keer anders wil aanpakken, omdat jullie er steeds in vastlopen. En dat het daarom verstandig zou zijn om allebei iets voor te bereiden over dat thema.

Stap 2: Voorbereiding

Die voorbereiding is werk dat beide partners apart voor zichzelf te doen hebben, dus niet samen. Je dient eerst helder te krijgen wat er precies pijn doet. Waar gaat het over, wat is dat dan voor jou? Je kan hiervoor de basisemoties langslopen. Als je het onderwerp neemt, waar word ik dan bang van? Wat is mijn verdriet? Waar word ik misschien boos van? Dit zijn verdrongen emoties en die komen niet zomaar. Als je gaat terugkijken naar wat er gezegd is geweest, denken we soms: ik heb er nooit bij stilgestaan dat ik ook ergens boos om was, ik dacht dat ik alleen maar verdrietig was. En wat wil je dan wel? Waar zit bv vreugde? Wat is daarvoor nodig?

Als men vaststelt dat men bv héél boos is of héél verdrietig, is die boosheid of dat verdriet de beladenheid of de beladen emotie. Men kan dan proberen om vanuit die beladenheid, de andere te bereiken, maar die emotionele lading maakt altijd dat we moeilijker begrepen worden. Dan komt de boodschap vaak niet goed over, er komt veel emotie, maar weinig helderheid. Een emotionele lading kan ook moeilijk ontvangen worden door de ontvanger. Je blijft dan hangen in jouw trigger(s). Hoe hardnekkiger we blijven hangen in verwijten, hoe groter de kans op een ontevreden gevoel na zo’n gesprek.

Het is dus belangrijk om je boodschap te brengen op een moment dat je niet meer in die beladen emotie zit, maar duidelijk hebt wat er precies pijn doet.

Vaak is hier de hulp van een (relatie)therapeut aangewezen om dit helder te krijgen.

Verschil tussen kwetsbaarheid en gekwetstheid

Het kan voor mensen soms heel verwarrend zijn, om het verschil te kennen tussen gekwetstheid en kwetsbaarheid. Mensen gaan in zo’n gesprekken vaak in een gekwetstheid, daar zit dan veel emotionele lading op. Maar het echte werk is om van die gekwetstheid naar kwetsbaarheid te kunnen gaan. Dit kan door bv. een stuk schaamte te benoemen, of een stuk een dieper gevoel van je in de steek gelaten te voelen, van je overruled te voelen, en dit op een waardige manier te brengen naar je partner.

Stap 3: Effectieve gesprek

Boodschap overbrengen – aspecten van de zender

Hoe eenvoudiger een boodschap is, hoe meer afgebakend en hoe meer vanuit jezelf, vanuit een dieper gevoel van kwetsbaarheid, hoe beter deze boodschap overkomt naar de ontvanger. Dus niet vanuit die emotionele lading.

Als zender is het belangrijk om te gaan kijken:
• Wat wil ik met dit gesprek bereiken? Wat is mijn behoefte of verlangen?
• Welke pijn is van mij en wat is van de andere? (zelfreflectie)
• Wat is mijn verantwoordelijkheid en wat is van de andere?
• Is mijn boodschap aangekomen en ontvangen?
• Komt er empathie en begrip van de ontvanger?
• Wat komt er nu terug van de ontvanger?
• Wat is mijn verantwoordelijkheid?
• Welke verantwoordelijkheid wil ik dat mijn partner hierin neemt?
• Hoe kunnen we hierin samenwerken naar een oplossing en gedragenheid als koppel?

Choose your battles. Kies je ervoor om ineens een groot stuk van de taart te delen en geef je de andere tijd om hierop terug te komen, of geef je een klein stukje en kom je er de volgende dag al op terug?

Hierna is het belangrijk om je partner tijd te geven om dingen te laten binnenkomen, verwacht dus geen onmiddellijke reactie, en beslis dan wanneer jullie hierop terugkomen.

In tussentijd, geef je elkaar de ruimte, zodat er niet nog meer verwijten of her-kwetsuren bij komen.

Helpende zinnen tijdens zo’n gesprek kunnen dan zijn:
• “De laatste tijd voel ik me vaak alleen, ook als we samen zijn.”
• “Ik mis de verbinding tussen ons.”
“Ik merk dat ik me terugtrek, en dat baart me zorgen.”
• “Ik weet niet goed hoe ik het moet zeggen, zodat jij je niet aangevallen voelt”
• “Ik heb het gevoel dat je niet echt naar me luistert…”
• “Dit is geen verwijt, het is iets waar ik mee zit.”
• “Mag ik even uitspreken voordat je reageert?”
• “Ik wil je niet de schuld geven; ik wil delen hoe dit voor mij voelt.”
• “Ik ben niet boos, ik ben vooral verdrietig.”
• “Ik wil begrijpen wat er tussen ons gebeurt.”
• “Ik verlang ernaar dat we weer dichter bij elkaar komen.”
• “Zou je met me willen kijken hoe we dit samen kunnen aanpakken?”

Boodschap aannemen – aspecten van de ontvanger:

Om het gesprek te doen werken, is het belangrijk dat de ontvanger zich ervan bewust is dat hij ontvanger is en zich in 1e instantie kan openstellen om echt te luisteren, maw om aanwezig te zijn met volledige aandacht.

Verder is het voor de ontvanger belangrijk om te gaan kijken:
• Kan ik de boodschap ontvangen?
• Kan ik empathie en begrip tonen?
• Kan ik het mij voorstellen hoe het voor mijn partner is?
• Wat doet het met mij? Het kan misschien pijn doen.
• Hoe wil ik meewerken aan een oplossing? Wil ik dan ook zender worden? Wat is dan mijn boodschap?

Stap 4: Opvolging, nazorg

In het begin is niet alles onmiddellijk duidelijk af te bakenen. Het is een nieuwe gewoonte, een nieuwe manier van communiceren en koppels zullen dit leren met vallen en opstaan, door het steeds opnieuw weer te proberen. Het is niet aangeleerd vanuit het gezin van herkomst en vraagt veel oefening en reflectie van beide partners. Je kan jezelf hierin ook jaren geven om dat te verfijnen.

Het gaat over de kwetsuren die zorg en bescherming nodig hebben om niet weer gekwetst te worden. Het samen in die kwetsbaarheid kunnen gaan, en het elkaar volledig kunnen ontvangen en begrijpen, geeft een speciaal soort verbondenheid in de relatie. Het gaat niet altijd om lichamelijk contact.

Gedeelde verantwoordelijkheid

We dragen vanuit onze opvoeding kwetsuren, schaamteplekken mee. We kunnen ons de vraag stellen “moet mijn partner opvullen wat ik als kind tekort heb gekregen of moet ik dat aan mezelf geven? “ “Wat is mijn verantwoordelijkheid en moet mijn partner mijn behoefte bevredigen en wat moet ik dan zelf doen?”

We hebben hierin een gedeelde verantwoordelijkheid. Als we onze partner voor alles verantwoordelijk maken, gaat hij/zij zich sluiten ipv openen.

Vragen

Als je voor jezelf daar nood aan hebt, kan een psychotherapeut helpen om dit proces helder te krijgen. Bv. wat is dat hier toch met mij? Ik ben zo boos in mijn relatie. Hoe komt dat en hoe komt het dat we niet tot de kern van een gesprek kunnen komen? Therapie kan helpen om de mist weg te nemen voor jezelf en het gesprek met je partner eenvoudiger te maken.

Vond je dit bericht interessant? Deel het gerust !